Kennisaspecten
De leerling kent de verschillen tussen de grondsoorten die in Nederland voorkomen
(zand, klei, löss en veen).
Zand
Zand is los, korrelig materiaal en één van de meest
voorkomende natuurlijke stoffen op aarde. Zand be-
staat uit zeer kleine stukjes steen, zandkorrels, die
in grootte variëren tussen 0,06 en 2 millimeter. Als
de korrels nog kleiner zijn heet de grondsoort leem,
worden de korreltjes nog kleiner en zijn ze met het
blote oog bijna niet meer te zien, dan heet het klei; bij
grotere steentjes dan zand, spreekt men van grind.
In Nederland zijn veel zandlandschappen te vinden.
Vrijwel geheel Noord-Brabant bestaat uit zandgrond,
evenals Gelderland boven de rivieren, Oost-Utrecht,
Overijssel, Drenthe en het oosten van Friesland.
Water zakt gemakkelijk tussen de zandkorrels door.
Daardoor zijn hoge zandgronden droog. Voedings-
stoffen spoelen er makkelijk tussenuit. Daarom zijn
zandgronden eigenlijk onvruchtbaar. Voor de land-
bouw moet er dan ook mest toegevoegd worden.
Door eeuwenlange bemesting is er echter vaak een
dikke zwarte laag humus op de zandgronden ont-
staan. Voor landbouwproducten is deze grond een
perfecte voedingsbodem. In zandlandschappen vind
je daarom ook veel akkerbouw terug
Löss
Löss vinden we alleen in het heuvellandschap van
Zuid-Limburg. Löss is heel fijn zand dat gemakkelijk
door de wind kon worden weggeblazen. Niet zomaar
zand, maar het fijnste zand dat er bestaat. In tegen-
stelling tot zand houdt löss wél water vast en spoelen
de voedingsstoffen niet snel weg. Löss is vruchtbaar
en dus geschikt voor akkerbouw en fruitteelt.
Door de hoogteverschillen in Zuid-Limburg was het
echter niet makkelijk om overal akkers te maken.
Daarom vind je op de steile hellingen van de heuvels
minder akkerbouw. Bovendien liepen de boeren het
risico dat de grond weg zou spoelen. Echt steile hel-
lingen zijn daardoor meestal bebost.
Klei
Klei is nog weer fijner dan löss. Zo fijn zelfs dat je de
korrels niet meer met het blote oog kunt zien. Je vindt
klei langs de grote rivieren en in de kustgebieden.
Het houdt water goed vast. Daardoor is het lastig om
gewassen te verbouwen op kleigrond.
Alleen gras groeit er goed. Daarom vind je in klei-
landschappen veel veeteelt. Klei is daarnaast een
goede delfstof om bakstenen van te maken.
2
De wereld in het klein • Groep 5/6 • Kaart 1 • Wat hebben we waar?




