Groep 5-6 • Thema 4 • Samenvatting • pagina 2
Kaart 5
Van melk tot kaas
Kaas wordt van melk gemaakt. Daarvoor wordt de
melk verhit, dit heet pasteuriseren. Zo gaan schade-
lijke bacteriën dood. Zuursel en stremsel worden toe-
gevoegd. Deze zorgen voor de smaak en het hard wor-
den van de melk. Daarna wordt er vocht uit geperst, zo
wordt de kaas harder. De kaas wordt in een zoutbad
gedompeld en krijgt een plastic korstje. Daarna wordt
de kaas opgeslagen om te rijpen. Jonge kaas rijpt kort,
oude kaas rijpt lang.
Kaart 6
Bijzonderen
boerderijden
Paardenliefhebbers die zelf geen ruimte hebben om
een paard te stallen, vinden bij een manege tegen
betaling onderdak voor hun paard. Vaak verhuurt de
manegehouder ook rijpaarden. Je kunt er ook oefenen
met paardrijden en er worden wedstrijden gehouden.
Een kinderboerderij is speciaal ingericht voor kinderen,
om kennis te maken met heel veel soorten (boerderij)
dieren. Je vindt ze vaak in steden.
Op een zorgboerderij kunnen mensen met een handi-
cap dieren verzorgen. Ook kunnen mensen die lang
niet hebben kunnen werken hier weer oefenen met
werken.
Kaart 7
Maïs
In Nederland wordt veel maïs verbouwd. In het voorjaar
wordt de maïs gezaaid en aan het eind van de zomer
wordt de maïs geoogst.
Snijmaïs wordt gebruikt als veevoer. De maïsstengel
en maïskolf worden dan in stukjes gehakt. Suikermaïs
is lekker zoet en wordt door mensen gegeten. Ener-
giemaïs is niet om op te eten, maar wordt gebruikt als
brandstof om energie op te wekken.
Maïs wordt door mensen onder andere gebruikt om
popcorn, brood, tortilla’s en cornflakes van te maken.
Kaart 8
Hoe word je boer?
De meeste boeren erven de boerderij van hun ouders.
Het komt niet vaak voor dat iemand een boerderij
koopt. Een school voor boeren noem je ook wel een
agrarische school.
Kaart 9
Werken op de boerderij
Op een boerderij is elke dag wel werk. Meestal helpen
de boerin en de kinderen van de boer ook mee. Daar-
naast hebben boeren met een groot boerenbedrijf vaak
extra personeel in dienst.
Een veehouder moet zeven dagen per week vroeg op
om de koeien te melken. Enkele andere taken zijn het
verzorgen en voeden van de dieren, de stal schoonma-
ken en de melkmachine schoonhouden.
Een akkerbouwer heeft het vooral van het voorjaar tot
en met het najaar erg druk met zaaien, mest strooien,
bestrijdingsmiddelen sproeien en oogsten. In de winter
is het rustiger. De belangrijkste werkzaamheden zijn
dan het schoonmaken en onderhouden van de machi-
nes en het voorbereiden van het land voor het volgende
zaaiseizoen.




