Kennisaspecten
De leerling weet waarvoor diverse landbouwmachines (rooimachine, maaidorser,
ploeg, tractor) worden gebruikt.
Landbouwmachines
Een boer die aan akkerbouw doet, gebruikt grote landbouwmachines bij zijn werk. Omdat deze landbouwma-
chines erg duur zijn en vaak maar weinig gebruikt worden (meestal maar een paar dagen per jaar), zijn er veel
boeren die de machines huren in plaats van kopen. Voorbeelden van machines zijn rooimachines, maaidorsers,
zaaimachines, spuitmachines (met bestrijdingsmiddelen), kunstmeststrooiers en natuurlijk de tractor. Ook wor-
den ploegen en eggen gebruikt om het land te bewerken.
Rooimachines
Een rooimachine is een machine voor het oppakken van gewassen die zich in of vlak op de grond bevinden,
zoals aardappels, suiker- en voederbieten, uien, witlof en wortels. De meeste rooiers pakken het product, zoals
aardappelen en wortelen, met grond en al op. Op de machine wordt de grond er uitgezeefd. Bij bieten wordt er
geen grond opgepakt. Bieten hebben de vorm van een kegel en steken een stuk boven de grond uit, waardoor
de rooimachine de biet uit de grond kan trekken.
Maaidorser
Een maaidorser, ook wel combine genaamd, is een zelfrijdende machine die gebruikt wordt voor het oogsten
van graangewassen. De maaidorser combineert twee handelingen: maaien en dorsen. Dorsen houdt in dat de
graankorrels uit de aren worden geslagen. Dat gebeurt in een grote trommel, die heel hard ronddraait. Achter
de dorstrommel zitten de schudders en de zeven, waar de graankorrels tussen de resten uit worden gezeefd.
Wat achter blijft in de machine is kaf en stro. Stro bestaat uit stengels, de bladeren en de lege aren. De maaidor-
ser kan het stro in kleine stukjes snijden. Dit stro wordt voor twee doeleinden gebruikt. Een deel wordt samenge-
perst tot strobalen (te gebruiken als veevoer, ligstro of voor huisdieren). Een ander deel komt op het land terecht
en wordt later in de grond geploegd als bemesting.
5
Boerderij • Groep 5/6 • Kaart 4 • Machines




