Vikingen
In Scandinavië (Zweden, Noorwegen
en Denemarken) leefden de Noor-
mannen. Ze werden ook wel Vikin-
gen genoemd. De Vikingen staan
bekend als een woest en strijdlustig
volk. Aangezien ze de verre voor-
vaderen waren van de Germanen,
geloofden ze in de gebruikelijke Ger-
maanse goden (Thor, Odin, Freya
en Loki zijn de bekendsten) en de
Germaanse versie van de hemel, het
walhalla. Volgens de Vikingen werden
heldendaden beloond met een plaats
in het walhalla. Vandaar dat de Vikin-
gen wel hielden van vechten en plun-
deren. Daarmee konden ze immers
hun dapperheid tonen en een plek
afdwingen in het walhalla. Naast het
geloof in de Germaanse goden ge-
loofden ze in vele mythische wezens
als dwergen en reuzen. De Vikingen
hadden een eigen alfabet. De tekens
van dit alfabet noemen we runen.
Handelen en plunderen
De Vikingen leefden vooral van de
landbouw. Door het koude klimaat in
met name het noorden was geschikte
grond echter schaars. Ze woonden
vooral langs de kust, omdat de grond
daar het vruchtbaarst was.
Aan het eind van de 8e eeuw groeide
de bevolking van de Vikingen sterk.
Hierdoor ontstond een gebrek aan
land. De Vikingen gingen daarom
de zee op, om hun brood te verdie-
nen in de handel. Ze waren ervaren
scheepsbouwers, die snelle en ranke
schepen bouwden (drakkars) die
vooral geschikt waren voor kustvaart.
Eerst bleven de Noormannen dan ook
dicht bij de Scandinavische kust, maar
later voeren ze steeds verder, op zoek
naar handelsplaatsen en naar nieuw
land. Zo kwamen ze onder andere te-
recht in IJsland, Groenland, Rusland,
Engeland, Frankrijk, Sicilië en zelfs
Amerika.
Als de Vikingen merkten dat ze in een
slecht verdedigd gebied kwamen,
plunderden ze alles. Veel volken wa-
ren dan ook doodsbang voor de Vikin-
gen.
Kennisaspecten
De leerling weet hoe de Vikingen leefden.
De leerling kan vertellen over de plundertochten van de Vikingen.
6
Van A tot Z • Groep 5/6 • Kaart 13 • De V is van Vikingen




