Kennisaspecten
De leerling weet hoe luizen leven, zich vermenigvuldigen en verspreiden.
De leerling weet hoe je van hoofdluizen af kunt komen.
Luizen
Een luis is een insect. Een volwassen luis is ongeveer zo groot als de kop van
een lucifer, zo’n 4 millimeter. De luis is een parasiet. Dat wil zeggen dat hij een
gastheer nodig heeft om te kunnen leven. Een hoofdluis leeft van het bloed van
mensen. Hij heeft een spitse snuit waar hij een gaatje mee boort in je hoofdhuid.
Zo’n luizenbeet voel je nauwelijks, maar wat je wel voelt is de spuug van de luis.
In die spuug zit een stof die er voor zorgt dat je bloed niet stolt. Het is die stof die
de jeuk op je hoofd veroorzaakt.
Neten
Een luis wordt geboren uit een eitje. Een jonge luis noem je een nimf. Een nimf
wisselt drie keer van velletje voordat het een volwassen luis wordt. Een volwas-
sen vrouwtjesluis legt iedere dag een stuk of 6 nieuwe eitjes. Die eitjes worden
neten genoemd. Die eitjes plakt ze vast aan het begin van de haar, vlakbij je
hoofdhuid. Die ‘lijm’ die ze daarvoor gebruikt kan heel goed tegen water en tegen
shampoo, dus met wassen alleen krijg je ze niet uit je haar. Na een à twee weken
kruipt er een larve uit het eitje. Die larve doet er 2 tot 4 weken over om volwassen
te worden. Een volwassen luis leeft 30 tot 50 dagen.
Overdracht
Als een luis geen eten heeft, dus als hij niet op je hoofd zit, is hij na twee dagen
dood. Neten gaan pas na 6 dagen dood. Gelukkig vliegen of springen luizen niet.
Ze kunnen alleen overlopen. Dat wil zeggen dat je ze alleen kunt krijgen als je bij-
voorbeeld met je hoofd of haar contact maakt met iemand die al luizen heeft. Het
kan natuurlijk ook gebeuren dat ze via een kraag, kussen of pet overwandelen.
2
De wereld in het klein • Groep 5/6 • Kaart 5 • Luizenleven




