Kaart 4
De D is van Drijven
Ik kan uitleggen waarom sommige voorwerpen blijven drijven
op water en andere voorwerpen niet.
Ik kan uitleggen hoe het komt dat een boot en een mens
kunnen blijven drijven.
Wat ik moet weten of kunnen
Sleutelwoorden
drijven
zinken
gewicht
dichtheid
holle voorwerpen
water duw
Kaart 7
De D is van
Dienstverlening
Ik kan uitleggen wat dienstverlening is.
Ik kan minstens 10 voorbeelden geven van dienstverlening.
Wat ik moet weten of kunnen
Sleutelwoorden
dienstverlening
dienst
iemand helpen
salaris van
de overheid
Kaart 6
De H is van Hoofdsteden
Ik ken de hoofdsteden van de volgende Europese landen.
Nederland-Duitsland-Polen-België-Oostenrijk-Tsjechië-
Luxemburg-Zwitserland-Hongarije-Verenigd-Koninkrijk-
Italië-Roemenië-Ierland-Denemarken-Bulgarije-Frankrijk-
Noorwegen-Griekenland-Spanje-Zweden-Servië-Portugal-
Finland-Rusland
Wat ik moet weten of kunnen
Sleutelwoorden
zie links
Kaart 5
De Z is van Zintuigen
Ik ken de vijf zintuigen.
Ik kan uitleggen wat zintuigen, zenuwen en hersenen met
elkaar te maken hebben.
Ik weet wat smaakpapillen zijn.
Ik weet welke vier smaken je tong kan proeven.
Ik kan uitleggen hoe we iets kunnen zien.
Ik kan het verschil tussen staafjes en kegeltjes uitleggen.
Ik kan stap voor stap uitleggen hoe ons gehoor werkt.
Wat ik moet weten of kunnen
Sleutelwoorden
zintuigen
waarnemen
zien
horen
ruiken
proeven
voelen
zenuwen
hersenen
informatie
tong
smaakpapillen
zoet
zuur
zout
bitter
ogen
pupil
licht
netvlies
staafjes
kegeltjes
oren
geluid
trillingen
trommelvlies
gehoorbeentjes
Groep 5-6 • Thema 6 • Effe checken • pagina 2




