Kaart 8
Gouden eeuw
In de 17e eeuw (1600-1700) ging het heel goed met
Nederland. Nederland heette toen de Republiek der
Verenigde Nederlanden. De Republiek werd heel rijk
door de handel. Amsterdam werd de belangrijkste han-
delsstad van Europa. Vanuit alle kanten werden spul-
len naar Amsterdam gebracht. Daar werden de han-
delswaren opgeslagen en later weer verder vervoerd.
Ook de handel met Indië bracht veel geld op.
In de Gouden Eeuw waren er vier standen. De hoog-
ste stand was die van de adel en de regenten. Daarna
kwam de gegoede burgerij: de kooplieden, handelaren
en boeren die veel grond hadden. Zij waren rijk. Dan
was er de kleine burgerij: de ambachtslieden, winke-
liers, leraren en dergelijke. Zij verdienden genoeg om
van te leven. Tenslotte was er het gewone volk, dat
ook wel het gemeen of het gepeupel werd genoemd.
Dit waren de arme werklieden. Armen moesten leven
van de bedel. Wel kregen ze vaak hulp van de kerk en
de armenhuizen.
Maar aan het van de 17e eeuw ging het steeds minder.
De Republiek was niet meer het belangrijkste handels-
land. Dat kwam vooral door de oorlogen met Engeland.
Het jaar 1672 wordt ook wel het Rampjaar genoemd. In
dat jaar vielen vier vijanden van Nederland (Frankrijk,
Engeland, Münster en Keulen) samen de Republiek
aan. Het Franse leger veroverde zelfs een groot deel
van Nederland, maar werd uiteindelijk verslagen. Maar
de goede tijd van de Republiek was voorbij.
Groep 5-6 • Thema 4 • Samenvatting • pagina 3
Kaart 9
Vechtende dieren
Dieren vechten om verschillende redenen:
om indruk te maken op een vrouwtje;
om de macht over de groep te krijgen;
om vijanden te verslaan, uit verdediging;
om eten te krijgen/veroveren;
om het eigen leefgebied te beschermen.
Kaart 10
Sla je slag!
Kaart 11
Allemaal sporen!




