Background Image
Table of Contents Table of Contents
Previous Page  5 / 210 Next Page
Information
Show Menu
Previous Page 5 / 210 Next Page
Page Background

Scheepvaart vroeger

Nederland is een rijk land. Die rijkdom dankt het voor

een groot deel aan de scheepvaart. Zeilschepen

voeren vroeger af en aan met handelswaar uit Azië

en Amerika. Nederlandse vissersboten voeren naar

de Noordelijke IJszee om daar walvissen te vangen.

Op de Noordzee haalden vissers netten vol vis om-

hoog. Nederlandse oorlogsschepen vochten tegen

de Spanjaarden en de Engelsen.

Zonder scheepvaart was ons land nooit geworden

wat het is. Maar dat niet alleen. De hele wereld zou

er heel anders hebben uitgezien.

Mensen varen al duizenden jaren in schepen. De

eerste boten waren uitgeholde boomstammen waar-

mee de mensen op rivieren voeren. Later kregen

de bootjes peddels en een roer. Nog later ging men

planken gebruiken om grotere boten te bouwen.

Zeilboten

De Egyptenaren waren de eersten die zeilen op hun

schepen gebruikten. Dit gebeurde ongeveer 4000

jaar voor Christus. Varen ging toen een stuk sneller

en makkelijker.

De Egyptenaren bouwden voor het eerst schepen

met een kiel. Door dit lange stuk hout onder het schip

kon het schip veel makkelijker recht door het water

glijden.

Er werden ook grote schepen gebouwd die door tien-

tallen roeiers werden ‘aangedreven’. Deze schepen

werden galeien genoemd. Ze hadden overigens ook

zeilen. Galeien werden gebruikt voor handel en oor-

logvoering. Voordeel van een galei is dat je dankzij

de roeiers tegen de wind in kunt varen. Zeilschepen

kunnen dat niet.

Tussen 800 en 1000 maakten de Noormannen met

hun slanke drakenboten (drakkars) de Europese kust

onveilig. Hiermee reisden ze de hele wereld af.

In de 13e eeuw werd er veel gevaren met kogges.

Deze schepen hadden geen roeiriemen meer en

werden alleen door de wind aangedreven. De kogge

had één mast. Ook het karveel had één mast. Het

karveel was sneller en steviger dan de kogge, en

vooral geschikt voor lange afstanden.

Aan het einde van de Middeleeuwen (ongeveer

1500) kregen de schepen twee, drie of vier masten.

Ze werden ook slanker, zodat ze nog sneller konden

varen. In de tijd van de eerste driemasters gingen

mensen de wereld verkennen. Ontdekkingsreizigers

als Columbus voeren naar onbekende werelddelen,

zoals Amerika en China. Door deze ontdekkingsrei-

zen bloeide ook de handel.

Na de Middeleeuwen verschenen er diverse scheeps-

typen die bijzonder geschikt waren voor oorlogvoe-

ring en handel. Zoals de Spaanse galjoenen, de grote

Oost-Indiëvaarders en snelle fregatten.

1

Reizen • Groep 5/6 • Kaart 3 • Ter zee

Kennisaspecten

De leerling kent de ontwikkeling van schepen van vroeger tot nu.